 |  | WIAR | Workplace Performance Van Vollenhovenstraat 38 3016 BJ ROTTERDAM | | T: +31 (0) 10 270 10 00 F: +31 (0) 10 270 10 09 M: info@wiar.nl |
|
| | | | RecensiesMet vaste regelmaat schrijft de heer M. Geerdink een recensie in Facility Management Magazine en in Managementboek.nl. De nadruk ligt vaak op de relatie van mens, werk en werkomgeving (organisatie verandering, flexibilisering, kantoorinnovatie en tijd- & plaatsonafhankelijk werken.
30 Mars, A. Hoe krijg je ze mee?
door drs Michaël G.M. Geerdink
Titel: Hoe krijg je ze mee? (Vijf krachten om een verandering te laten slagen) Auteur: Annemarie Mars Uitgeverij:Van Gorcum, Assen, 2006
Over zich verbinden en het overwinnen van weerstand
In verschillende publicaties moppert professor Anton Cozijnsen dat veel boeken over veranderkunde blijven steken in de unieke beschrijving van één deskundige, opgedaan in een specifieke organisatie. Vervolgens worden bevindingen gegeneraliseerd naar alle soorten veranderprocessen in totaal verschillende organisaties. Tegen mijn studenten zeg ik dan: Een interessant boek, maar helaas N=1. Daarnaast merkt Cozijnsen op dat veel veranderaars een succesvolle benadering claimen, maar hun stelling zelden of nooit empirisch kunnen onderbouwen. Het boek Hoe krijg je ze mee? lag reeds weken op mijn leestafel voor ik me er toe kon zetten: bovenstaande vooroordelen speelden mij parten. Niet in de laatste plaats door de in mijn ogen verkeerde titel. Wie is die je dan wel? Wie wordt met ze bedoeld? Misschien moet je wel helemaal niet meegaan en zo de organisatie behoeden voor ramp en onheil (zoals bij zo vele onderwijsinnovaties
).
Beste lezers: ik neem van harte mijn (voor)oordelen terug. Annemarie Mors heeft een boeiend boek geschreven waarin ze haar ervaringen en theoretische reflecties heeft vastgelegd. Verschillende veranderkundige theorieën en modellen werkt ze om naar wat voor haar zinvol en bruikbaar is, en in de bijlagen (Toegift) legt ze daarover aan de lezer een korte verantwoording af.
Tegen mijn studenten zeg ik wel eens gekscherend dat je zo kunt horen wie geen verstand van verandermanagement heeft. Die beginnen altijd over draagvlak, over IST en SOLL. Hoe krijg je ze mee? gaat niet over draagvlak maar over zich verbinden: men begrijpt de verandering, voelt zich bekwaam om het juiste gedrag te vertonen en neemt verantwoordelijkheid voor de eigen rol. Het zal duidelijk zijn dat dit zich verbinden niet vanzelf ontstaat. Vaak moeten we eerst door een fase van weerstand heen, zoals ook ik bij het ter hand nemen van dit boek. Weerstand is geen tegengestelde van verbinding, maar een mogelijke voorbode ervan. Mensen twijfelen aan veranderingen en dat heel begrijpelijk. Sommige vormen van weerstand hebben gemakkelijk benoembare oorzaken (bijv. onvolledige informatie), andere vormen zijn lastiger te herkennen (oud zeer, tegengestelde belangen). Herkenbaar is ook de weerstand tegen de weerstand: veranderaars kunnen moeilijk omgaan met tegendraads gedrag van medewerkers en worden geïrriteerd of zelfs boos. Het zal duidelijk zijn dat dit gedrag een averechts effect sorteert.
Vijf krachten werken in op het veranderproces: urgentie, planning, interactie, leiderschap en ambitie. Aan elke kracht wordt in het boek een hoofdstuk gewijd. Zo wordt bij Urgentie een onderscheid gemaakt tussen plichtsgedreven (het moet van boven), wensgedreven (we willen iets beters) en probleemgedreven verandering (we hebben er last van). Ambitie geeft een toekomstbeeld, maar kan ook doorslaan (te mooi voorgesteld, te dwingend, te somber, te vrijblijvend). Planning is gebaseerd op de bekende vijfkleurentheorie van De Caluwé waarbij overigens het witdrukdenken buiten beschouwing blijft. De verschillende veranderstrategieën worden naast elkaar gezet en vergeleken op verschillende dimensies, zoals waarde, rol veranderaar, nodig / geschikt valt of staat met etc. Annemarie Mars geeft 19 verschillende vormen van Interactie tussen veranderaar en doelgroep weer, geordend in weten (overtuigen), moeten (instrueren), willen (inspireren) en leren & ontwikkelen (feedback geven). Zo ontstaat een palet aan interventies, ook weer te geven naar fasen van het veranderproces. Het laatste hoofdstuk gaat over Leiderschap. Veranderaars en medewerkers moeten geen genoegen nemen met afwezigheid van sturing, zoals we in de praktijk maar al te vaak constateren. Mars bespreekt de werkzaamheid van stuurgroepen, projectgroepen, klankbordgroepen of hoe ze ook mogen heten. Vrijgestelde projectleiders zijn een zegen voor veranderprocessen, een investering van de organisatie waarmee ze werkelijk commitment toont. Want uiteindelijk draait het bij veranderen allemaal om verbinden, om werkelijke commitment. |
| |
|
|